testing, 1 2 3, testing
Gisteren ben ik uitzonderlijk op maandag gaan badmintonnen, om een nieuwe zaal uit te testen. De zaal in kwestie is het middenplein van de wielerpiste aan de watersportbaan, die eigenlijk in het gebied van de Blaarmeersen ligt. Deze zaal is het resultaat van het overdekken van de bestaande openluchtpiste, en heet nu “Vlaams Wielerscentrum Eddy Merckx”. Een foto van tijdens de bouwwerken is te vinden op Gent blogt. Normaal spelen we iets verder in de sporthal van Bloso, maar aangezien de club iets te groot aan het worden is, is het bestuur op zoek naar een uitbreiding.
De zaal was splinternieuw (nee, fout, de zaal was splinter-ver-nieuwd), zeer ruim, de ondergrond was heel fijn (zacht en toch niet), en zag er nog onbespeeld uit. Er waren wel een paar minpuntjes, zoals de inval van het zonlicht en de verlichting (te sterk in bepaalde punten, zodat je de shuttle niet meer ziet wanneer hij net tussen een lamp en je oog komt, en je je dus ongeloof belachelijk maakt door keihard ernaast te kloppen). Later hebben ze nog de zonneschermen dichtgedaan, en het verlichtingsprobleem was daarmee al grotendeels opgelost. Verder was het er enorm warm, en hadden we de indruk dat de shuttle minder ver vloog, maar dat laatste zal wel aan ons gelegen hebben. Voor mij was de zaal zeker in orde. Het is natuurlijk aan het bestuur om de kiezen.
Het grappige was eigenlijk het feit dat er constant wielrenners rondjes aan het draaien waren op de piste rondom de badmintonterreinen. In heb begin wat storend, maar na een eindje let je er niet meer op, en die mensen zijn veel stiller dan pakweg een krijsende vrouwenvolleybalploeg. Er was een manneke van 6-8 jaar of zo, die op zijn vader zijn fiets daar ook rondjes aan het rijden was. Prettig zicht, klein manneke op een veel te grote fiets… Jammer dat ik niets bijhad om dat eens vast te leggen.
Een ander grappig feit was de serieuze vraag van een bestuurslid als we willen groeien met de club. Vreemd genoeg hamert iedereen in het zakendoen erop dat er niet iets is als “stilstaan”, enkel maar groeien, of slecht bezig zijn. Misschien is het niet zo in een sportclub, ik zou het niet weten.